Melsen

Wat?

Historiek schrijfwijze

Melcunnaria en Melcina (818, 941, 1185), Melcines (1117), Melcinis (1148), Melchines (1181) en vele varianten o.a. Melcine (1226), Melchine (1229), Melsenes en Melsines (1372), Melzele (1394), Melselle (1399), Melsene (einde 14e eeuw), Melsen (sporadisch vanaf 16e eeuw en definitief vanaf 1800)

Oorsprong van de naam

Er werden in het verleden allerlei verklaringen gezocht voor de naam. Een echte betekenis kent men niet, maar vermoedens wijzen in de richting van de plant ‘melde’ , van ‘meersch’ (meersen) en ook ‘meld-sunnar’ wat letterlijk ‘zwijnenstal met eetbak’ zou betekenen. De gemeente was altijd overwegend agrarisch en bleef tot vandaag haar landelijk uitzicht behouden.

Archeologische vondsten: vroege bewoners

Er zijn geen archeologische vondsten te vermelden, hoewel er volgens getuigenissen in het verleden niet nader gedateerde munten, potten en wapens zouden ontdekt zijn. De oudste sporen dateren van de omstreeks de 9e eeuw.

Middeleeuwen en nieuwe tijd

Nadat de Heilige Amandus vanaf 630 in Vlaanderen kwam prediken en in Gent de Sint-Pietersabdij en Sint-Baafsabdij opgericht waren, werd daarna de omgeving gekerstend. Er wordt aangenomen dat de inwoners van Melsen al in de 8e eeuw bekeerd waren. Mogelijke Christene bouwwerken bleven niet bestaan aangezien de Noormannen in de 9e eeuw in de streek rooftochten hielden en alles vernielden.

De kerk van Melsen met de pastorij en het kerkhofEr bestond al in 1147 een kerk, waarvan het patronaatschap bij de abdij van Ename berustte. In de 15e en 18e eeuw werd er verbouwd en bijgebouwd. De spitse toren leidde tot de uitspraak: ‘Melsen, scherp als een elsen’. In 1814 werden er twee beelden van de kunstbeeldhouwer Karel Frans Van Poucke aan de ingang van het koor geplaatst. Eén beeld raakte verbrijzeld tijdens beschietingen van de kerk in 1918. Het andere beeld werd in 1935 door de pastoor in depot gegeven bij het Gentse Bijlokemuseum. De Sint-Stefanuskerk is beschermd als monument. In 2014-2015 vond de laatste restauratie plaats.

De heerlijkheid Melsen maakte deel uit van het Land van Rode en was een leen van het leenhof van Schelderode, later van Melle en tot slot van Scheldewindeke-Balegem-Moortsele. Dit achterleen behoorde zeker vanaf 1364 toe aan de familie Van der Gracht. De heerlijkheid bestond in 1550 uit een kasteel met een ‘hoog en laag hof’, landbouwgronden, bossen, weiden en vijvers. Het kasteel werd geteisterd tijdens de godsdienstoorlogen en raakte onbewoond. In 1601 was het al een ruïne. Van Filips I Van Der Gracht (1472-1545) bleef de grafsteen bewaard, die oorspronkelijk in de kerk lag maar later tegen de kerkmuur geplaatst werd. De familie Goubau kocht de heerlijkheid in 1650 en bleef eigenaar tot het eind van het ancien régime. In Melsen lagen ook andere heerlijkheden ingesloten, waaronder de heerlijkheid Van Coudenhove, Van Gavere, Van den Abeele, de heerlijkheid van de abdij van Ename.

De Wassemstraat herinnert aan de vroegere parochie Wassene, die voor 1800 deel uitmaakte van het Prinselijk Land van Gavere maar bediend werd door de pastoors van Melsen. Sinds de gemeentefusies van 1977 ging de parochie deel uitmaken van Gavere.

De stenen molen van Melsen. Het denombrement van 1550, dat het leen beschrijft, vermeldt de aanwezigheid van een water- en windmolen. De vroegere naam Molenvijver verwijst naar een watermolen, die vermoedelijk al voor 1571 verdween. De huidige Molenbeek verwijst naar een watermolen die in de 18e eeuw in gebruik was. De houten windmolen, al vermeld omstreeks 1477, was eigendom van de heer van Melsen en werd met alle rechten verkocht in 1758. Hij werd op het einde van de Eerste Wereldoorlog erg beschadigd en hersteld, werd in 1951 geklasseerd maar verzakte in 1960 en is daardoor gedeklasseerd in 1965. In 1771-1772 werd door Pieter Mehauden een unieke stenen stellingwindmolen gebouwd en in gebruik genomen als olieslagerij en graanmaalderij. Ook deze molen werd tijdens de Eerste en Tweede Wereldoorlog erg beschadigd. De romp is het enige wat overblijft en deze is beschermd als monument.

Nieuwste tijd

Tijdens de Patriottenbeweging in 1790 werd een vrijwilligerskorps opgericht dat op 12 juli de eed van trouw zwoer aan de Verenigde Nederlandse staten, maar tijdens de strijd tussen Oostenrijk en Frankrijk, werd door de inwoners 600 gulden in de oorlogskas ten voordele van de terugkeer van Oostenrijk gestort. Na de komst van Napoleon in 1799 werd Melsen in 1800 tot de gemeentefusies in 1976 een onafhankelijke gemeente. Toen de Fransen verdreven waren bepaalde het Verdrag van Wenen (1815) de vereniging van ons land met Holland. In 1825 werd Karel Lodewijk Van Poucke burgemeester van Melsen.

Het kasteel van Melsen van de familie Verhaege tijdens de Eerste WereldoorlogNa de onafhankelijkheid van België verkreeg hij de functie opnieuw in 1843 en bleef burgemeester tot zijn overlijden in 1862. Zijn neef Alfred Verhaeghe liet zich in 1847 bij hem domiciliëren in Melsen. In 1863 werd hij er tot burgemeester verkozen en bleef in functie tot zijn overlijden in 1876. Hij huwde met de Gentse Louise de Smet (de Naeyer). Zij liet naar aanleiding van de schoolstrijd in 1879 op eigen kosten een school voor vrij onderwijs bouwen die naast de in 1864 gebouwde gemeenteschool functioneerde. In 1975 versmolten de beide scholen. Het ‘kasteel van Melsen’, een buitenverblijf dat door de vader van Alfred Verhaeghe gebouwd was in 1842, bleef eigendom van de familie. In 1931 werd het verkocht aan de Gentse advocaat Edmond Ronse, die in Melsen burgemeester was van 1947 tot zijn overlijden in 1960. In 1966 werd de toenmalige Kouterwegel naar hem vernoemd.

Om de continuïteit van het vrije katholieke onderwijs te verzekeren kocht Louise de Smet de Naeyer in 1893 een herenhuis dat als klooster werd ingericht. Het werd op 11 september 1894 plechtig ingewijd en kreeg de naam ‘Klooster van O.-L.-V. van zeven weeën’. De Gentse zusters van de Heilige Kindsheid kregen het ter beschikking en verzorgden het onderwijs. Naast het klooster werd in 1912 een nieuwe school gebouwd. Van 1944 tot 1968 werd het klooster betrokken door de zusters van Sint-Vincentius van Dendermonde. Daarna werd het een private woning.

Eind 19e eeuw waren er in Melsen een brouwerij, stokerij, twee maalderijen en een olieslagerij. Langs de Schelde bevonden zich steenbakkerijen waarvan de oudste al van de 16e eeuw dateerde en soms volledige gezinnen werk gaf. Rond 1866 waren er 9 steenbakkersbazen in Melsen. In 1975 verdween de laatste steenbakkerij.

Naar aanleiding van Koninklijk Besluit van 17 september 1975 volgde een fusie met Merelbeke en werd Melsen vanaf 1977 een deelgemeente.

Bronnen

Heemkundig genootschap Land van Rode. De heren en vrouwen van Rode. Gentbrugge, Roger De Vocht, 1997 (jg. 25, nr. 100).

De Cocker Jozef. Geschiedenis van Melsen. Melsen: Jozef De Cocker, 1988.

De Potter Frans en Broeckaert Jan. Geschiedenis van de gemeenten der provincie Oost-Vlaanderen: arrondissement Gent. Gent, C. Annoot-Braeckman, 1864-1870. Heruitgave Roeselare, Familia et Patria, 1993.

De Clercq Wim, e.a. Waarderend en preventief archeologisch onderzoek op de Axxes-locatie te Merelbeke, 2002, in: Archeologie in Vlaanderen, VIII.

Agentschap onroerend erfgoed. Inventaris onroerend erfgoed: Merelbeke (online)

Van Acker Karel. Middeleeuws Merelbeke: van Zaalhof over Krombrugge tot Merelbeke. Merelbeke, 2006.

De Bruycker Gilbert. De geschiedenis van Merelbeke: een algemene impressie. S.a., website Merelbeke.

Gemeentearchief Merelbeke

Gemeentebestuur Merelbeke, diensten bevolking en burgerlijke stand. Historiek: verzameling statistische inlichtingen, 1978.

Debrabandere Frans, et al. in samenwerking met de Vlaamse Afdeling van de Koninklijke Commissie voor Toponymie en Dialectologie (Brussel).

Heynssens N.  en Hoorne J. Merelbeke – Poelstraat: archeologisch onderzoek – september 2017

Contact & openingsurenOpeningsuren en contact

Waar?

Dienst archief
Gemeentehuis (tweede verdieping)
Hundelgemsesteenweg 353
9820 Merelbeke

Openingsuren

Vandaag:Gesloten
Eerstvolgende openingsdag:(21/03)Gesloten

Contact

  • 09 210 33 05
09 210 32 99
archief [at] merelbeke.be

Bekijk ook

  • Het Land van Aalst was het volledigegebied tussen de Schelde en de Dender.

  • Het Land van rode telde 17 gemeenten en reikte tot Gent.

  • Merelbeke was oorspronkelijk een gebied met enerzijds bossen en heide en anderzijds zeer waterrijke gronden.

  • Lemberge beschikt over uitstekende grond voor landbouw en was tot in de jaren 1970 een agrarische gemeente.

  • Munte is vooral een agrarische deelgemeente.