Natuurreservaten

Wat?

Erkende natuurreservaat de "Scheldemeersen" (nr. E-204):

De Putten

Het natuurgebied de Putten (16 ha, deelgemeente Melsen) maakt deel uit van de Scheldemeersen. De ontstaansgeschiedenis heeft een industrieel verleden, het gebied werd namelijk gebruikt voor het uitbrikken van gronden. Dit betekent dat de kleilaag werd uitgegraven voor de productie van bakstenen. Deze zogenaamde ‘scheldesteen’ werd ter plaatse gebakken in kleine veldovens.  Door de hoge grondwaterstand ontwikkelde op deze uitgebrikte terreinen vrij snel een moerassig gebied, waar hooguit Canadapopulieren stand hielden, deze werden dan ook massaal aangeplant ten behoeve van de stekjesfabrieken te Geraardsbergen, maar ook dat is ondertussen industriële archeologie.

In 1993 werden de eerste aankopen gerealiseerd en inmiddels is het natuurgebied uitgegroeid tot een mozaïek van 16 ha vochtige hooilanden, meersen, moerassen,  en broekbosjes. Van de oude populierenbossen resten nog enkele percelen voor de Wielewaal en de Kleine bonte specht, twee niet veel voorkomende vogelsoorten die graag hun kostje in die bomen zoeken.

‘De Putten’ is een onderdeel van het natuurreservaat ‘De Scheldemeersen’, waar Natuurpunt reeds een 120 ha in beheer of in eigendom heeft. De Scheldemeersen situeert zich in Merelbeke en  De Pinte (goed voor een 600 ha oppervlakte), mogelijks komt later ook de Scheldevallei van Gavere bij ons in beheer. Zulke grote oppervlakten kunnen alleen met graasbeheer open gehouden worden. Momenteel gebeurt dit in samenwerking met landbouwers. Zij mogen bij kleinere percelen 1 of 2 koeien per hectare plaatsen. Als we besluiten om een wastinebeheer toe te passen op percelen die 25 ha of groter zijn, dan kan dat één koe per 3 ha bedragen. Bosjes worden dan mee in het beheer opgenomen. Een wastine is een gebied waar struwelen, bosjes en weiden in elkaar overlopen zonder scheidingslijnen.  

Het beheer van De Putten is momenteel  gericht op het tegengaan van het verstruwelen van de moerassen, het ontwikkelen van soortenrijke hooilanden en het omvormen van de populierenbossen tot inheemse broekbossen. Met een afwateringssluisje langs de Schragebeek kunnen we de waterstand controleren. Dit is nodig omdat we rond juni minstens  10 cm water nodig hebben in de moerassen, voor broedvogels zoals het Porseleinhoen.

Er komt een opvallende fauna voor, met als vogelsoorten Blauwborst, Waterral, Cetti’s zanger, Kleine Karekiet, Bosrietzanger en Rietzanger, om dan nog de Rietgors en Sprinkhaanzanger te vergeten. Met andere woorden, De Putten vormt een goede leerschool om de zangvogels te leren kennen in de periode rond mei. Opvallende verschijning bij de zoogdieren zijn Hermelijn en Vos. In De Putten alleen hebben we vier amfibieënpoelen uitgraven, waarin Groene kikker, Kleine watersalamander, Alpenwatersalamander… voorkomen. Wat de flora betreft mikken we vooral op Echte koekoeksbloem, Tweerijige zegge en Pijptorkruid voor de vochtige hooilanden, Poelruit zien we graag groeien tussen het Moerasspirea. Als we enkele ruigten gehooid hebben zijn Zeegroene muur en Schildereprijs leuke vlindertjes. Voor mensen die het kleinere opzoeken zoals vlinders en libellen kunnen verrassingen tegenkomen, zo is er naar nachtvlinders al heel wat onderzoek verricht.

Het gebiedje is te bezichtigen langs de Trekweg (Scheldedijk) en de Meersstraat. Jaarlijks wordt er één of enkele geleide wandelingen georganiseerd.

In dit natuurgebied grazen sinds kort een paar aantal konikpaarden op een grote oppervlakte. De aanwezigheid van grote grazers zorgt voor een dynamiek in het landschap en zorgt zo voor een rijkere natuur met een grote verscheidenheid aan planten en dieren. De paarden hebben geen stal nodig, omdat ze net zoals wilde dieren bestand zijn tegen regen en koude. Ze leven in een natuurlijk kuddeverband met een leidende hengst.

Pas op: koniks zijn geen huisdieren! Hou minstens 10 meter afstand en raak de dieren niet aan. Voederen is verboden, omdat het nefast is voor hun spijsvertering en hun gedrag.

Ook hier moeten honden, zoals overal in Merelbeke, aan de leiband.

Vanaf  het najaar van 2017 zullen ook een tiental runderen een aantal maanden per jaar in het reservaat grazen. Ook voor deze dieren gelden dezelfde voorzorgsregels. 

Het beheer is in handen van Natuurpunt (http://www.natuurpuntbovenschelde.be) in samenwerking met een lokale landbouwer.

Het terrein is door een aantal inrichtingswerken vlot toegankelijk voor zachte recreatie maar omwille van de noodzakelijk rust in het gebied enkel op het centrale dijkwegje. Vanaf deze weg heeft u een prima zicht op het hele gebied.

Sint-Elooisput

Natuurpunt beheert samen met de gemeente Merelbeke het natuurgebied Sint-Elooisput. Het gebied bestaat uit deels moeraszone, deels broekbos (zeer vochtig bos met Wilgen en Zwarte elzen) tussen de Oude Scheldearm en de Scheldedijk.

Naast de Scheldemeander bemerken we een pittoresk hoekje van Merelbeke, de Sint-Elooiskapel met links en rechts twee boerderijen, gelegen langs de Brande(gem)se ham, de ‘gem’ kan verwijzen naar de Frankische periode (600 n.C.). We hebben hier niet alleen een prachtig natuurgebied maar ook mogelijks een archeologische site.

Terug naar de moeraszone. Deze is ontstaan doordat in het begin van vorige eeuw de bovenste laag klei tot 1 m diep werd afgegraven, ten behoeve van de steenbakkerij. Tot voor begin jaren 90 was dit een gebied een monotoon populierenbos. Na het kappen van de populieren werd het gebied beheerd door begrazing met onder andere Exmoor-pony’s. Dit resulteert in een open en gevarieerde vegetatie. Momenteel worden een 120-tal hogere plantensoorten geteld en is het een ideaal terrein voor tal van typische moerasvogels zoals Rietgors en Blauwborst, maar ook zeldzame soorten zoals Porseleinhoen en Zomertaling zijn reeds opgemerkt.

In dit gebied zijn van mei tot december een tweetal Exmoor-pony’s aanwezig. Omdat de oppervlakte te klein is en daardoor niet genoeg voedsel aanwezig is, kunnen deze dieren niet overwinteren op het terrein. Exmoor-pony’s gedijen goed op een dieet van kruiden, netels en distels,  plantenwortels, bladeren en bast van bomen. Het zijn dieren met een goedaardig karakter, maar het is verboden ze bij te voederen.  In het begin van de winter lijkt het soms alsof deze dieren aan hun lot zijn overgelaten, maar geen nood, dankzij hun dikke vacht kunnen ze tegen de meest barre winteromstandigheden. Momenteel is een studie aan de gang om de ponysoort als wild te bestempelen. Ze behoren in ieder geval tot één van de oudste rassen.

Contact & openingsurenOpeningsuren en contact

Waar?

Dienst milieu en natuur
Gemeentehuis (eerste verdieping)
Hundelgemsesteenweg 353
9820 Merelbeke

Openingsuren

Vandaag: tot en van tot
Morgen: tot

Contact

  • 09 210 32 70
09 210 32 99
milieu [at] merelbeke.be

Bekijk ook

  • Met het gemeentelijk natuurontwikkelingsplan wil de gemeente een duurzame natuur behouden voor de volgende generaties.

  • Het regionaal bosproject zorgt voor de verbinding tussen de Makegemse bossen en het Aelmoeseneibos. Het project strekt zich uit over drie gemeenten: Merelbeke, Oosterzele en Melle.

  • Het natuurinrichtingsproject 'Merelbeekse Scheldemeersen' (346,3 ha) situeert zich op het grondgebied van de gemeente Merelbeke, langs de rechteroever van de Schelde.